Ik ben taalmaatje van een echtpaar uit Syrië. In hun NT2-leerboek staan plaatjes van een vies doucheputje en een vieze wastafel op een camping. De opdracht: wat zeg je tegen de campingeigenaar?
Het vriendelijke en in-en-in beschaafde echtpaar blijkt het maar lastig te vinden om de campingeigenaar ter verantwoording te roepen. En zo hebben ze meer moeite met opdrachten waarin ze iemand ergens op moeten wijzen.

Ondertussen vraag ik me af of het nu heel erg westers is om meteen te roepen: ‘Dit accepteer ik niet, ik eis dat…’
In ieder geval is het heel interessant om te zien hoe dit echtpaar met deze opdrachten omgaat.